Tag: inkt

99 portretten als Exercises de Style

Illustrator Femke van der Wijk van Studiovander zette zichzelf een bijzonder doel voor ogen: 99 portretten maken van Raymond Queneau, en iedere 99 in een andere stijl. Deze portretten heeft zij gebundeld in een boekje. Wie is Raymond Queneau, en waarom 99 verschillende portretten? Wat gebeurt er met je als je op die manier de mogelijkheden oprekt? Femke vertelt erover en: heeft speciaal voor Gumclub een leuke weggeefactie. Hieronder lees je meer!

Hoe ontstond het idee?
Femke: “Doordat ik het boekje Stijloefeningen (Exercises de Style) van auteur Raymond Queneau las. Hij vertelt een korte – heel alledaagse – scène op 99 verschillende manieren. Het boek is niet alleen grappig (en leerzaam voor schrijvers), maar het zet je ook aan het denken over wat nu eigenlijk ‘het authentieke verhaal’ zou kunnen zijn. Hoe zou zoiets in beeld eruit zien? vroeg ik me af.”

“Zo ben ik aan het tekenen geslagen. Een portret van Queneau zelf leek me een mooi uitgangspunt, dus dat is de man met bril en pijp die je steeds ziet. Ik heb mezelf wel proberen te beperken door alleen wit-grijs-zwarttinten te gebruiken, en niet al te veel ‘vreemde’ materialen. Maar daar heb ik dan ook weer niet heel halsstarrig aan vastgehouden.

Aan het begin varieerde ik redelijk veilig; bleef dicht bij wat ik zag. Dan ben je echt iets aan het natekenen. Het ene portret wat vet aangezet, het andere weer eenvoudig, of met een ander materiaal. Maar dat raakt snel uitgeput. En dan is 99 keer behoorlijk veel. Het werd hoog tijd om out-of-the-box te denken, anders te gaan kijken. Naar de afbeelding voor me, maar ook om me heen: op wat voor manieren gebruiken we beeld eigenlijk? Hoe komt ’t tot stand? Dat gaf echt speelruimte.”

Maakte je deze tekeningen dagelijks? Zoals je vaak ziet bij ‘the 100 days challenge’ op Instagram?
“Nee hoor, het was (bewust) geen challenge. Wel in die zin dat je een bepaald aantal haalt, en door moet zetten met maken, maar niet een per dag. ’t Laten sudderen is ook echt wel fijn. Soms had ik er 7 per dag, en soms 2 per maand (er was natuurlijk ook nog werk). Ik heb er uiteindelijk denk ik zeker wel een jaar over gedaan – maar bij dit project is dat niet per se relevant.”

Wat deden deze stijloefeningen met jou?
“Door het zoeken zie je steeds meer. Overal, terwijl je ergens loopt, in een boek bladert, terwijl je gedachteloos zit te doodelen. En dan had ik alweer vijf ideeën. In dat geval is het een voordeel, dat je er best veel ‘moet’ maken. Daardoor kun je grossieren in ideeën en jezelf voorlopig ontslaan van dat lastige kiezen. Maar, eerlijk is eerlijk, het was af en toe ook echt zoeken naar weer een andere invalshoek. Terwijl het máken je ook vanzelf naar een volgende stap brengt. Eentje die je niet van tevoren kent.”

Weggeefactie
Speciaal voor de Gumclub heeft Femke een leuke weggeefactie. Er zijn 3 boekjes met selectie van 44 tekeningen te geef. Wil jij er ook eentje ontvangen? Mail dan naar hallo@gumclub.nl.

Linkjes bij dit artikel
Meer portretten zien, kijk op de site van Studiovander
Hier vind je ook Femke’s shop met mooie ansichtkaarten van deze poëtische portretten.

Of op Instagram: @exercisesinstyle (met wat meer tekst en uitleg per tekening)

Meer werk van Femke van der Wijk vind je ook op @studiovander

Lees ook ook het artikel over je eigen stijl vinden, van Esther Mols.

Houtsnedes in prentenboeken: expositie & workshops in Villa Verbeelding

De houtsnede is één van de oudste grafische technieken en wordt nog steeds door illustratoren en kunstenaars gebruikt. Vanaf begin februari tot 8 juni 2019 wordt er tijdens de tentoonstelling ‘Uit het goede hout. De houtsnede in prentenboeken’ in Villa Verbeelding in het Belgische Hasselt extra aandacht besteed aan het gebruik van deze oude druktechniek in prentenboeken.

Er is een expositie van het werk van Merlijne Marell, Luk Duflou, Isabelle Vandenabeele en Vanessa Verstappen. Bijzonder is dat je niet alleen hun werken kan bekijken, maar ook hun schetsen, proefdrukken, werkmaterialen en andere interessante voorwerpen. In een filmpje wordt getoond hoe een houtsnede wordt gemaakt. Om zelf meer te leren over deze techniek, zijn er bij de deelnemende illustratoren ook workshops te volgen.

Op zaterdag 11 mei is er een workshop Merlijne Marell. Merlijne maakt in haar werk veel gebruik van druktechnieken. Ze schreeft en illustreerde het prachtige boek ‘Schobbejacques en de 7 geiten’, dat in 2016 een Vlag en Wimpel kreeg. In haar workshop ga je, na een introductie over haar manier van werken met houtsnede, zelf aan de slag in het atelier. Voor deze workshop moet je je vooraf aanmelden.

Tevens zijn er ook speciaal voor kinderen workshops georganiseerd. Op 6 maart kunnen jongeren van 10 – 16 jaar bijvoorbeeld houtstempels maken met Vanessa Verstappen. Voor kinderen van 6-12 jaar leest Merlijne Marell op 17 april voor uit haar boek Schobbejacques en de 7 geiten en gaan ze daarna zelf aan de slag met groentestempels en drukinkt. Voor deze beide workshops moet je je vooraf aanmelden.

Kijk voor alle workshops voor volwassenen en kinderen op de website van Villa Verbeelding.

Illustratie: Merlijne Marell

Dit artikel bevat een affiliatie link.

Dr. Ph. Martin’s Bleedproof White

preview_carolinevieira_drphmartinsbleedproofwhite

Illustrator Caroline Vieira-Huijts werkt vaak met inkt en aquarel en heeft een grote liefde voor natuur, natuurlijke kleuren en stationary. Dit alles vormt het heerlijke palet dat je kunt volgen op haar instagramaccount. Bovendien houdt Caroline erg van nieuwe materialen uitproberen. Die open houding levert haar veel verrassend moois op en gelukkig deelt ze die avonturen op instagram. Lees hier haar verslag van de kennismaking met een magisch goedje: Dr. Ph. Martin’s Bleedproof White.

Ik hou van kleur, maar zeker ook van zwart-wit; het grafische en het contrast geeft mij rust. Een paar jaar geleden kwam ik op Instagram een foto tegen van een quote geschreven met witte inkt op zwart papier, ik ging er eerlijk gezegd een beetje van kwijlen. Het bleek speciale inkt te zijn met de bijzondere naam ‘Dr. Ph. Martin’s Bleedproof white’. Een hele mond vol en het klinkt geweldig, maar was het dat ook?

Na wat onderzoek kwam ik erachter dat normale witte inkt vaak kan gaan ‘bloeden’ op papier wat geen aquarelpapier is; dat is het effect van het uitlopen van de inkt wat je soms ook bij aquarelverf ziet gebeuren. Of dat het contrast niet sterk genoeg was, te transparant. Ik was dus op zoek naar een inkt die goed dekt, en geen uitlopers heeft. Dit lijk ik gevonden te hebben met Dr.Ph. Martin’s Bleedproof White, maar het komt wel met een kleine gebruiksaanwijzing.

Waar gebruik je het voor?
Ik schilder, teken of schrijf ermee met een penseel of een kroontjespen. Ik vind het fijnste om een synthetisch penseel te gebruiken, omdat het door de dikte je penselen kan verpesten. Ik gebruik het onder andere om details mee aan te brengen, voor zogenaamde ‘highlights’ zoals de glans op een oog, bij lijntjes op bloemen en vleugels, om er heel fijne haarlijnen mee te schrijven of om eventuele foutjes te verbergen. Het is eigenlijk een soort correctie inkt, het dekt heel goed. Als het opgedroogd is, kan je erover heen schilderen. Het enige nadeel, wat ook weer een voordeel kan zijn, is dat het niet waterproof is. Dus bedenk even goed als je het bijvoorbeeld op donkere enveloppen wilt gebruiken, in verband met eventuele regendruppels.

Bij een kroontjespen kan je een makkelijke ‘dinkydip’ gebruiken, dat is een klein potje waar het kroontje precies in past.


Hoe gebruik je het?
De inkt is vrij dik, maar door een paar druppels water bij te doen krijg je de juiste dikte. Met een ‘eye dropper’ of pipet kan je mooi geleidelijk water toevoegen. Het is even uitproberen tot je de gewenste dikte hebt. Bij te weinig water vloeit de inkt niet mooi en bij te veel wordt de inkt transparant. Als je het wilt bewaren, gebruik dan gedestilleerd water zodat het niet bederft. Roer dan met een stokje. Is het te dik, dan kan je het potje open laten staan en verdampt het. Ik vind het zelf prettiger om het in een klein afsluitbaar potje te bewaren en te verdunnen, want het droogt best wel snel uit. Bij een kroontjespen kan je een makkelijke ‘dinkydip’ gebruiken, dat is een klein potje waar het kroontje precies in past. Daar ‘dip’ je je kroontjespen in en daarna veeg je de punt aan de rand af, anders kan je opeens een grote druppel krijgen. Maak na gebruik je penseel of pen goed schoon met water.


Waar kan je het kopen?
Tegenwoordig is het makkelijk verkrijgbaar en kan je hem in Nederland o.a. kopen bij een heel mooie webwinkel www.splendith.nl. Waarschuwing! Je zal niet alleen de inkt willen kopen, Judith heeft namelijk een webshop vol mooie en fijne materialen voor de liefhebber, zoals ook de koontjespennen, penselen, pipets en dinky dips.

Tekst, foto’s en illustraties door Caroline Vieira-Huijts

Superbedankt voor het delen van jouw ervaringen met Dr. Ph. Martin’s Bleedproof White, Caroline! We hopen dat je nog veel materialen wilt blijven uitproberen en dit af en toe met ons wilt delen.

inktober: Yuko Shimizu leert je alles over inkt

inktpot_claudi

inktpot_claudi

Dit is mijn inktpot. Lekker ding he? Ik ben er ook maar wat blij mee: ik werk heel veel met inkt. Ik werd dan ook heel blij toen ik zag dat één van mijn heldinnen Yuko Shimizu een lessenserie over inkt op Instagram geeft. Tijdens inktober vertelt ze iedere dag iets over werken met inkt: de verschillende ‘nibs’ (en hoe je ze kunt schoonmaken!), werken met andere materialen zoals een kammetje of bijvoorbeeld een prachtig bijna poëtisch stuk over de “speed van een brushstroke”. Je kan Yuko vinden onder de naam YukoArt.

Ai nee dit jaar doe ik niet mee met inktober maar de posts van Yuko horen wel bij mijn oktoberdagen. En soms ga ik natuurlijk ook even uitproberen, tekenen met een kammetje of beginnen aan het ‘weekend fun project’. Jij ook?

Jaqueline: de Tradio Stylo van Pentel

Eigenlijk zou ik het liefst alles met een kroontjespen tekenen, omdat ik de onberekenbaarheid van zo’n pennetje en de bijbehorende oostindische inkt zo aantrekkelijk vind. Maar in de praktijk erger ik me, als ik zo’n pennetje gebruik, continu aan het fijn dat-ie er best vaak geen inkt uitkomt. Dus experimenteerde ik met ander materiaal. Met mijn vulpen bijvoorbeeld, maar daarvan vond ik de inkt toch niet zwart genoeg. Hema-markers, maar die bleken niet waterdicht. Markers van Faber-Castell – vond ik de punt te hard. Sakura markers – punt juist te zacht. Steadler – te dik. En zo modderde ik voort.

Totdat ik ooit ergens – ik weet niet eens meer waar – een Pentel Tradio Stylo kocht. Ik vond ‘m best duur, iets van zevenenhalve euro. Maar die punt! Dit pennetje heeft een fijnschrijverpunt, die aanvoelt als een vulpenpunt. Flexibel, maar niet te. De inkt is echt diep roetzwart. En als je net een nieuwe vulling hebt ingedraaid, spettert de inkt zelfs wel eens een beetje. Want dat is dus ook geweldig: je kunt nieuwe vullingen voor de Pentel Tradio Stylo kopen. En die kosten nog geen drie euro, dus dat is nog betaalbaar voor een grootverbruiker als ik.

De Pentel Tradio Stylo is verkrijgbaar in de kleuren zwart, blauw, zilver, rood en groen en is onder andere te koop bij Penstore.nl en Pentelarts

Illustratie: Jaqueline Storm